gemeente Steenbergen | Fietsregeling gemeente Steenbergen 2002

Regeling Fietsregeling gemeente Steenbergen 2002

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

  • Datum inwerking-treding 01-06-2002
  • Terugwerkende kracht t/m
  • Datum uitwerking-treding 01-01-2017
  • Betreft nieuwe regeling
  • Datum ondertekening 13-02-2007
  • Bron bekendmaking Personeel actueel 21-02-2007
  • Kenmerk voorstel 0200712

Inleiding

FIETSREGELING GEMEENTE STEENBERGEN 2002

- Tekst per 1 januari 2007 (bijgewerkt t/m 2e wijziging) -

Waar in deze regeling wordt gesproken in de mannelijke vorm wordt hieronder mede verstaan de vrouwelijke vorm.

Begripsomschrijvingen

Artikel 1

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    werkgever: de gemeente Steenbergen;

  • b.

    ambtenaar: de ambtenaar als bedoeld in artikel 1:1 juncto artikel 1:2, van de CAR/UWO-regeling gemeente Steenbergen 1997 (hierna verder aan te duiden als: CAR/UWO),

  • a.

    met een aanstelling in vaste dienst;

  • b.

    met een aanstelling in tijdelijke dienst bij wijze van proef ingevolge artikel 2:4 van de CAR/UWO ;

  • c.

    met wie een arbeidsovereenkomst ingevolge artikel 2:5, lid 1, sub a, van de CAR/UWO is aangegaan met een resterende looptijd van minimaal drie jaar;

  • c.

    fiets: een voor woon-/werkverkeer te gebruiken rijwiel zonder hulpmotor, of een voor woon-/werkverkeer te gebruiken rijwiel met elektronische trapondersteuning (zogeheten E-bike);

  • d.

    leverancier: een erkende rijwielhandelaar die is ingeschreven bij de Kamer van Koophandel;

  • e.

    brutoloon: de bezoldiging als bedoeld in artikel 3:1, tweede lid, onder c, van de CAR/UWO;

  • f.

    eindejaarsuitkering: de uitkering als bedoeld in artikel 3:6 van de CAR/UWO;

  • g.

    vakantietoelage: de toelage als bedoeld in artikel 6:3 van de CAR/UWO;

  • h.

    overuren: verricht overwerk als bedoeld in artikel 1;1, lid 1, sub l, van de CAR/UWO, zijnde werkzaamheden door de ambtenaar in dienstopdracht verricht buiten de feitelijke arbeidsduur per week;

  • i.

    vakantie-uren: de vakantie-uren als bedoeld in artikel 4a:1, van de CAR/UWO ;

Deelname aan de regeling

Artikel 2

  • 1.

    Burgemeester en wethouders kunnen een ambtenaar eenmaal per drie kalenderjaren

    • a.

      een fiets in eigendom verstrekken, danwel

    • b.

      een vergoeding verlenen terzake van een door hemzelf aangeschafte fiets, onder de hierna onder de leden 2 tot en met 4 vermelde voorwaarden.

  • 2.

    Tussen de ambtenaar en burgemeester en wethouders dient een overeenkomst te worden gesloten zoals opgenomen in bijlage 1 van deze regeling en welke als zodanig wordt geacht een integraal onderdeel van deze regeling uit te maken.

  • 3.

    De ambtenaar moet de fiets op meer dan de helft van het aantal dagen waarop hij zijn werkzaamheden in dienst van de werkgever verricht gebruiken voor woon-/werkverkeer. Voorzover de fiets slechts gebruikt wordt voor een gedeelte van het reistraject woon-/werkverkeer in verband met reizen naar/van bus-, treinstation, carpoolplaats en dergelijke, moet zulks een substantieel deel van de totale reisafstand betreffen.

  • 4.

    Voor de verstrekking of vergoeding van een fiets worden de fiscaal vastgestelde maximumbedragen in aanmerking genomen. Ingeval een fiets wordt verstrekt en de aanschafprijs meer bedraagt dan het fiscaal toegestane maximumbedrag (voor 2007: € 749,00, inclusief BTW), wordt het meerdere verrekend met het netto-loon van de ambtenaar.“

Vergoeding voor de met de fiets samenhangende zaken

Artikel 3

  • 1.

    Aan de ambtenaar aan wie ingevolge artikel 2 een fiets is verstrekt of vergoed kan een onbelaste vergoeding worden verleend voor:

  • a.

    een gangbare fietsverzekering;

  • b.

    andere met een fiets samenhangende zaken zoals onderhoudsbeurten, reparaties, accessoires en regenkleding tot het ter zake fiscaal vastgestelde maximumbedrag (voor 2007: € 82,00, inclusief BTW) per kalenderjaar.

  • 2.

    Tussen de ambtenaar en burgemeester en wethouders dient een overeenkomst te worden gesloten zoals opgenomen in bijlage 2 van deze regeling en welke als zodanig wordt geacht een integraal onderdeel van deze regeling uit te maken.

Tegenprestatie/compensatie/verrekening

Artikel 4

  • 1.

    De ambtenaar verplicht zich als tegenprestatie de aanschafprijs c.q. de ontvangen vergoeding terzake van de fiets ingevolge artikel 2, alsmede de onbelaste vergoeding ingevolge artikel 3, te compenseren door inleveren van of afzien van:

    • a.

      bruto-bezoldiging voor het gedeelte gelegen boven het wettelijk minimumloon;

    • b.

      vakantietoelage in de maand mei;

    • c.

      eindejaarsuitkering in de maand december;

    • d.

      uitbetaling van overuren;

    • e.

      vergoeding in de maand januari ter zake van verkoop vakantie-uren conform het cafetariamodel ingevolge artikel 4a:1 juncto 3:2:1, lid 3 en 6:2 van de CAR/UWO.

  • 2.

    De in lid 1 vermelde mogelijkheden kunnen worden gecombineerd.

  • 3.

    Het compenseren geschiedt zo spoedig mogelijk en in de regel in één keer.

  • 4.

    Voorzover het inleveren van de bruto-bezoldiging betrekking heeft op een verlaging van het voor de ambtenaar geldende salarisschaalbedrag en/of de hem toekomende vaste maandelijkse toelagen wordt deze verlaging om administratieve redenen verwerkt als een negatieve toelage. Deze negatieve toelage verlaagt de grondslag voor de berekening van de vakantietoelage, de eindejaarsuitkering en het coördinatieloon voor de sociale verzekeringswetten, doch heeft geen invloed op de grondslag voor de berekening van de IZA-premie alsmede van het pensioen en de uit dien hoofde verschuldigde premies.

Verhaal naheffingsaanslag

Artikel 5

  • 1.

    Indien achteraf blijkt dat onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat de fiets voor woon-/ werkverkeer wordt gebruikt, komen de fiscale gevolgen voor rekening van de ambtenaar.

  • 2.

    Indien naheffing bij de werkgever plaatsvindt, wordt deze naheffing, inclusief eventuele renten, boeten en overige kosten, verhaald op de ambtenaar. Dit bedrag is direct opeisbaar en wordt verrekend met het netto-salaris van de ambtenaar.

Tussentijds ontslag, beëindiging gebruik voor woon-/werkverkeer, vervreemding

Artikel 6

Als de ambtenaar binnen het tijdvak van drie kalenderjaren waarover de fietsregeling zich uitstrekt uit dienst treedt, de fiets niet langer gebruikt voor woon-/ werkverkeer, de fiets geheel of ten dele aan derden verkoopt, verpandt of anderszins in zekerheid geeft, vindt een fiscale verrekening plaats aan de hand van het aantal maanden dat ontbreekt aan de zakelijke gebruiksperiode van drie kalenderjaren en de fiscaal verrekenbare aanschafprijs c.q. ontvangen fietsvergoeding ingevolge artikel 2. Dit bedrag is direct opeisbaar en wordt verrekend via het salaris van de ambtenaar.

Aansprakelijkheid

Artikel 7

  • 1.

    De werkgever aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade aan de ambtenaar, aan hem toebehorende zaken en/of schade aan derden, die voortvloeit uit het gebruik, uit gebreken en/of schade die anderszins verband houdt met de fiets.

  • 2.

    Schade en/of diefstal ontheft de ambtenaar niet van de verplichting tot betaling c.q. compensatie.

  • 3.

    Garantiebepalingen gelden volgens de voorwaarden en contractuele voorwaarden van de leverancier. Zij kunnen op geen enkele wijze door de werkgever worden gewaarborgd.

Wijziging en intrekking regeling

Artikel 8

Deze regeling kan worden aangepast of ingetrokken indien rechtspositionele, fiscale en/of budgettaire kaders daartoe dwingen/noodzaken.

Overgangsbepaling

Artikel 9

1. De ambtenaar die heeft deelgenomen aan het gemeentelijke fietsplan in december 2000, kan eerst per 1 januari 2004 in aanmerking komen voor verstrekking of vergoeding van een fiets als bedoeld artikel 2.

2. De ambtenaar die heeft deelgenomen aan het gemeentelijk fietsplan in december 2000 kan vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling in aanmerking komen voor een vergoeding voor met de fiets samenhangende zaken ingevolge en overeenkomstig het bepaalde in artikel 3.

Artikel 9a

Voor de ambtenaar aan wie reeds een fiets is verstrekt of vergoed ingevolge de “Fietsregeling gemeente Steenbergen 2002” zoals die gold vóór de vaststelling van de eerste wijziging, en inzake de tegenprestatie gekozen heeft voor een periode van 36 maanden, blijft in afwijking van het bepaalde in artikel 2 en 6, een deelnametijdvak gelden van 36 maanden.

Onvoorziene gevallen

Artikel 10

In die gevallen waarin deze regeling niet, niet geheel of niet naar billijkheid voorziet, kunnen burgemeester en wethouders een nadere voorziening treffen.

Inwerkingtreding

Artikel 11

Deze regeling kan worden aangehaald als Fietsregeling gemeente Steenbergen 2002 en treedt in werking met ingang van 1 juni 2002.

Bijlage 1

Behorende bij de Fietsregeling gemeente Steenbergen 2002

Overeenkomst Fietsregeling 2007 e.v.

De ondergetekenden:

Gemeente Steenbergen, verder te noemen werkgever en

Naam: ...............................................................................................

Adres: ...............................................................................................

Woonplaats: ...............................................................................................

Burgerservicenummer: ...............................................................................................,

verder te noemen de werknemer

komen in aanvulling op de gemeentelijke CAR/UWO-regeling juncto de bezoldigingsverordening het navolgende overeen:

Artikel 1

  • O

    De werkgever levert overeenkomstig de in de fietsregeling gemeente Steenbergen 2002 vermelde voorwaarden en bepalingen aan de werknemer een voor woon-werkverkeer te gebruiken fiets, zoals in overleg tussen de werknemer en de werkgever is overeengekomen, tegen de aanschafprijs, zoals met de leverancier is overeengekomen volgens bijgevoegde gespecificeerde offerte.

  • O

    De werkgever verleent de werknemer overeenkomstig de in de fietsregeling gemeente Steenbergen 2002 vermelde voorwaarden en bepalingen een vergoeding van maximaal € 749,00 terzake van een door de werknemer aangeschafte fiets zoals met de leverancier is overeengekomen volgens de bijgevoegde gespecificeerde factuur en kopie van het betalingsbewijs .

(O aankruisen wat van toepassing is)

Artikel 2

De werknemer verklaart de door de werkgever in eigendom verstrekte c.q. fiscaal vergoede fiets

met ingang van ............................. tot een bedrag van € ................... (aanschafprijs c.q. vergoeding fiets tot een maximum van € 749,00) te compenseren middels aanpassing van zijn arbeidsvoorwaarden als volgt:

  • O

    verlaging van het voor hem geldende brutoloon met een bedrag van € ...................... per maand gedurende .......... maanden;

  • O

    inhouding c.q. verlaging vakantietoelage in de maand mei;

  • O

    afzien van uitbetaling van overuren gedurende de periode .......................................;

  • O

    verkoop van vakantie-uren conform het cafetariamodel in de maand januari;

  • O

    inhouding c.q. verlaging eindejaarsuitkering in de maand december.

(O aankruisen wat van toepassing is)

Artikel 3

Werknemer verklaart op de hoogte te zijn van onderstaande gevolgen, die kunnen optreden als gevolg van deelneming aan de fietsregeling:

  • -

    een verlaging in het kader van de sociale verzekeringswetten, zoals WAO en WW;

  • -

    een verlaging van de grondslag voor de berekening van de vakantietoelage en de eindejaarsuitkering;

  • -

    een verlaging van het inkomen in het kader van inkomensafhankelijke subsidies, zoals huursubsidie/tegemoetkoming studiekosten.

Artikel 4

De werknemer wordt direct na levering eigenaar van de door de werkgever verstrekte c.q. fiscaal te vergoeden fiets, ongeacht de (resterende) looptijd van de compensatie als bedoeld in artikel 2. Garantiebepalingen gelden volgens de voorwaarden en contractuele voorwaarden van de leverancier. Zij kunnen op geen enkele wijze door de werkgever worden gewaarborgd.

Artikel 5

Werknemer verklaart de fiets gedurende tenminste 3 kalenderjaren mede te gebruiken voor woon-werkverkeer en wel op tenminste de helft van het aantal dagen waarop hij zijn werkzaamheden in dienst van de werkgever verricht. Dit gebruik zal naar aard en omvang bestaan uit:

O gemiddeld in een kalenderjaar ...........dagen per week van woning naar werkplek over een reisafstand van ......................km;

O gemiddeld in een kalenderjaar .......... dagen per week van woning naar carpoolplaats/NS-station/busstation * (doorhalen wat niet van toepassing is) te ............................................ over een reisafstand van .....................km;

O anders, namelijk ............................................................................................................................................................................................................

Artikel 6

Als de werknemer binnen de periode van drie kalenderjaren welke geldt voor de verstrekking of fiscale vergoeding van de fiets uit dienst treedt, de fiets niet langer gebruikt voor woon-werkverkeer, de fiets geheel of ten dele aan derden verkoopt, verpandt of anderszins in zekerheid geeft, is de werknemer aan de werkgever voor elke maand welke ontbreekt aan de zakelijke gebruiksperiode van drie kalenderjaren een bedrag wegens privégebruik verschuldigd ter grootte van 1/36 van de onbelaste waarde van de fiets c.q. de fiscale fietsvergoeding. Dit bedrag zal onmiddellijk worden verrekend via het salaris van de werknemer.

Artikel 7

Werknemer verklaart ermede bekend te zijn en te aanvaarden dat indien achteraf bij controle door de inspecteur der belastingen blijkt, dat geen dan wel onvoldoende sprake is geweest van gebruik van de fiets voor woon-werkverkeer, de fiscale gevolgen voor zijn rekening komen. Indien naheffing bij de werkgever plaatsvindt, dan zal deze naheffing inclusief eventuele renten, boeten en overige kosten, op de werknemer verhaald worden en met zijn netto-salaris verrekend worden.

Aldus overeengekomen,

opgemaakt in tweevoud en getekend te Steenbergen op ..........................................

Handtekening namens de werkgever,

hoofd afd. P&O

Handtekening werknemer, ....................................

Bijlage 2

Behorende bij de Fietsregeling gemeente Steenbergen 2002

Overeenkomst Fietsregeling 2007 e.v. inzake vergoeding accessoires

De ondergetekenden:

Gemeente Steenbergen, verder te noemen werkgever en

Naam: ...............................................................................................

Adres: ...............................................................................................

Woonplaats: ...............................................................................................

Burgerservicenummer: ...............................................................................................,

verder te noemen de werknemer

komen in aanvulling op de gesloten overeenkomst fietsregeling d.d.....................…….…..… het navolgende overeen:

Artikel 1

De werkgever verleent de werknemer overeenkomstig de in de fietsregeling gemeente Steenbergen 2002 vermelde voorwaarden en bepalingen een vergoeding

  • O

    voor een gangbare fietsverzekering ad € ................ volgens bijgevoegde specificatie van de verzekeringsmaatschappij en betalingsbewijs;

  • O

    voor met de fiets samenhangende zaken tot een totaalbedrag van € .................... (maximale vergoeding bedraagt € 82,00 per kalenderjaar) volgens bijgevoegde specificaties van de desbetreffende leverancier(s) en betalingsbewijzen.

(O aankruisen wat van toepassing is)

Artikel 2

De werknemer verklaart de door de werkgever verleende fiscale vergoedingen als bedoeld in artikel 1 met ingang van .............................................. tot een bedrag van €...............…..….. te compenseren middels aanpassing van zijn arbeidsvoorwaarden als volgt:

  • O

    verlaging van het voor hem geldende brutoloon met een bedrag van € …...................... per maand gedurende ......…... maanden;

  • O

    inhouding c.q. verlaging vakantietoelage in de maand mei;

  • O

    afzien van uitbetaling van overuren gedurende de periode .............................……........;

  • O

    verkoop van vakantie-uren conform het cafetariamodel in de maand januari;

  • O

    inhouding c.q. verlaging eindejaarsuitkering in de maand december.

(O aankruisen wat van toepassing is)

Artikel 3

Werknemer verklaart op de hoogte te zijn van onderstaande gevolgen, die kunnen optreden als gevolg van deelneming aan de fietsregeling:

  • -

    een verlaging van de grondslag voor de berekening van het coördinatieloon voor de sociale verzekeringswetten;

  • -

    een verlaging in het kader van de sociale verzekeringswetten, zoals de WAO-uitkering en de WW-uitkering;

  • -

    een verlaging van de bovenwettelijke werkloosheidsuitkering;

  • -

    een verlaging van het inkomen in het kader van inkomensafhankelijke subsidies, zoals huursubsidie/tegemoetkoming studiekosten.

Artikel 4

Garantiebepalingen gelden volgens de voorwaarden en contractuele voorwaarden van de leverancier. Zij kunnen op geen enkele wijze door de werkgever worden gewaarborgd.

Artikel 5

Als de werknemer binnen de periode van drie kalenderjaren welke geldt voor de verstrekking of fiscale vergoeding van de fiets uit dienst treedt, de fiets niet langer gebruikt voor woon-werkverkeer, de fiets geheel of ten dele aan derden verkoopt, verpandt of anderszins in zekerheid geeft, is de werknemer aan de werkgever voor elke maand welke ontbreekt aan de zakelijke gebruiksperiode van drie kalenderjaren een bedrag wegens privégebruik verschuldigd ter grootte van 1/36 van de onbelaste waarde van de verstrekte vergoeding voor de met deze fiets samenhangende zaken. Dit bedrag zal onmiddellijk worden verrekend via het salaris van de werknemer.

Artikel 6

Werknemer verklaart ermede bekend te zijn en te aanvaarden dat indien achteraf blijkt bij controle door de inspecteur der belastingen, dat geen dan wel onvoldoende sprake is geweest van gebruik van de in artikel 1 bedoelde zaken ten behoeve van woon-werkverkeer danwel dat door de werknemer ter zake van de toepassing van de fietsregeling onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt, de fiscale gevolgen voor zijn rekening komen. Indien naheffing bij de werkgever plaatsvindt, dan zal deze naheffing inclusief eventuele renten, boeten en overige kosten, op de werknemer verhaald worden en met zijn netto-salaris verrekend worden.

Aldus overeengekomen,

opgemaakt in tweevoud en getekend te Steenbergen op ..........................................

Handtekening namens de werkgever, hoofd afd. P&O....................................

Handtekening werknemer, ....................................