gemeente Steenbergen | Verordening op de heffing en invordering van marktgeld, 2008

Regeling Verordening op de heffing en invordering van marktgeld, 2008

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

  • Datum inwerking-treding 22-03-2008
  • Terugwerkende kracht t/m
  • Datum uitwerking-treding 01-04-2011
  • Betreft nieuwe regeling
  • Datum ondertekening 28-02-2008
  • Bron bekendmaking SC 21-03-2008
  • Kenmerk voorstel 8e

Inleiding

De raad van de gemeente Steenbergen;

Gezien het voorste van het college van burgemeester en wethouders van 15 januari 2008;

Gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de: `Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld, 2008'.

Artikel 1 Aard van de heffing

Onder de naam `marktgeld' wordt een recht geheven voor het innemen van een standplaats op één van de aangewezen marktterreinen op de daarvoor in de 'Verordening weekmarkt 1997' aangewezen tijdstippen.

Artikel 2 Belastingplicht

Belastingplichtig is degene aan wie een standplaats op één van de aangewezen marktterreinen is toegewezen of bij gebreke van deze, degene die hem vervangt.

Artikel 3 Maatstaf van heffing en belastingtarief

  • 1.

    De grondslag, waarnaar het marktgeld wordt geheven, is het aantal strekkende meters, dat als standplaats wordt ingenomen, waarbij een gedeelte van een strekkende meter wordt aangemerkt als een volle strekkende meter .

  • 2.

    Het marktgeld voor een vaste plaats op de weekmarkt bedraagt € 25,- per strekkende meter, gemeten langs de frontbreedte van de kraam, verkoopwagen of andere soortgelijke inrichting met een minimum van € 100,- per inrichting per jaar.

  • 3.

    Het marktgeld voor een losse plaats op de weekmarkt bedraagt voor elke dag of gedeelte daarvan, dat een standplaats wordt ingenomen € 2,- per strekkende meter, gemeten langs de frontbreedte van de kraam, verkoopwagen of andere soortgelijke inrichting met een minimum van € 8,- per inrichting.

  • 4.

    Het marktgeld genoemd onder lid 2 wordt verhoogd met € 50,- per jaar. Deze gelden zullen uitsluitend worden aangewend voor reclamedoeleinden, de weekmarkt ten goede komend. De aanwending en het beheer geschiedt volgens door burgemeester en wethouders nader te stellen regels

  • 5.

    Het marktgeld genoemd onder lid 3 wordt verhoogd met € 2,-. Deze gelden zullen uitsluitend worden aangewend voor reclamedoeleinden, de weekmarkt ten goede komend. De aanwending en het beheer geschiedt volgens door burgemeester en wethouders nader te stellen regels.

Artikel 4 Belastingjaar

Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 5 Wijze van heffing

De marktgelden wordt geheven bij wege van aanslag.

Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang

  • 1.

    De rechten zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is het recht verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

  • 3.

    Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van het voor dat jaar verschuldigde recht als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de marktgelden worden betaald in vier gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt na veertien dagen van de dagtekening van het aanslagbiljet en elk van de volgende termijnen steeds drie maanden later.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid geldt, zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in tien gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

  • 3.

    De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de, in de voorgaande leden, gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van marktgeld wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Teruggaaf

  • 1.

    Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van marktgeld wordt slechts verleend indien de belastingplichtige door omstandigheden, welke hem niet zijn toe te rekenen, geen gebruik van de standplaats heeft kunnen maken.

  • 2.

    De in het eerste lid bedoelde teruggaaf wordt uitsluitend verleend op een schriftelijke aanvraag van de belastingplichtige of diens rechtverkrijgenden.

Artikel 10 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.

Artikel 11 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De 'Verordening marktgeld 1998' van 26 maart 1998 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 april 2008.

  • 4.

    Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening marktgeld 2008'.